Een kinderburgemeester vertegenwoordigt kinderen van alle basisscholen in een gemeente. Dit maakt de kinderburgemeester een serieuze partner die meedenkt, meepraat en meehelpt. Uiteraard vraagt dit om een goede begeleiding en communicatiestructuur.
De kinderburgemeester:
- is (idealiter) voorzitter van en wordt ondersteund door een kindergemeenteraad die bestaat uit gekozen ambassadeurs van elke deelnemende school;
- vraagt (via de kindergemeenteraad of de ambassadeurs) basisschoolleerlingen naar hun ideeën en wensen ten behoeve van de lokale samenleving en plaatst deze op de agenda van de gemeente;
- bespreekt de agenda (met de kindergemeenteraad en) met de volwassen burgemeester;
- adviseert ongevraagd en gevraagd de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders over zaken die kinderen aangaan;
- bewaakt de voortgang van de afspraken over alle zaken die aan de orde zijn of aan de orde komen.
Begeleiding kinderburgemeester
- Bereid het kind voor op het geven van haar of zijn mening, onder andere door toegang tot begrijpelijke informatie te geven.
- Luister serieus naar het kind en moedig het aan om haar of zijn mening te geven.
- Onderzoek of het kind zijn mening kan vormen. Geef aan deze mening passend gewicht.
- Leg het kind uit in welke mate haar of zijn mening wordt meegewogen.
- Bied het kind de mogelijkheid om te klagen of in beroep te gaan wanneer het niet is gehoord of zijn of haar mening niet serieus is genomen.
(bron: VN-Kinderrechtencomité)
Een voorbeeld: Als er een nieuwe speeltuin is aangelegd, dan knipt de kinderburgemeester niet alleen het lintje door bij de opening. De kinderburgemeester heeft vooraf actief geparticipeerd in de totstandkoming van de speeltuin, door namens alle kinderen mee te denken over de plek, de inrichting en de veiligheid.
Omdat de wensen en behoeften van kinderen worden meegenomen in het ontwerp van de speeltuin, komt er een betere speeltuin tot stand. Omdat de kinderen bij het proces betrokken zijn geweest, begrijpen ze afwegingen die gemaakt zijn, hebben zij geleerd hoe zij hun stem kunnen laten horen en hoe beslissingen worden genomen. Zo ervaren zij hoe je een positieve bijdrage levert aan de omgeving.
Dave Ensberg-Kleijkers (voormalig Directeur-bestuurder Jantje Beton): “Kinderburgemeesters die grote speeltuinen in hun wijk willen realiseren kunnen een beroep doen op Jantje Beton. Op onze website vind je daarvoor een speciale pagina.” www.jantjebeton.nl
De kinderburgemeester heeft nadrukkelijk niet slechts een ceremoniële rol bij activiteiten of gebeurtenissen in de gemeente. Uitvoering geven aan kinderparticipatie zoals bedoeld wordt in artikel 12 van het Kinderrechtenverdrag vergt inhoudelijke betrokkenheid.
Ilias (11), kinderburgemeester van de gemeente Capelle aan den IJssel: “Het leukst aan kinderburgemeester zijn, vind ik het vergaderen. Ik wil graag een sportdag houden met waterspellen, speciaal voor kinderen die niet op een sport kunnen omdat hun ouders daar geen geld voor hebben. Tijdens onze vergaderingen hebben we helemaal bedacht hoe die dag eruit moest zien. Wat wel heel jammer was, was dat die dag uiteindelijk niet door kon gaan omdat het 36 graden was en dat was niet goed voor de gezondheid van ouderen. Ik vond het ook heel erg leuk om samen met de burgemeester naar evenementen te gaan. De lampjes van de kerstboom op het Stadsplein aansteken was heel leuk, net als het openen van de Watervallei. Dat is een speeltuin met watertoestellen in het Schollebos waar kinderen gratis mogen spelen. Capelle doet zulke dingen gewoon. Dat maakt het een hele fijne plek om te wonen. Het enige wat ik nog anders zou willen zien is het verkeer. Het is op plekken waar veel wegen bij elkaar komen soms écht heel druk.”
Maud (11), kinderburgemeester van de gemeente Veenendaal: “Ik wil ervoor zorgen dat iedereen in Veenendaal zich fijn voelt. Dat klinkt als iets heel groots. Maar met een paar projecten kom je al heel ver. Veenendaal heeft bijvoorbeeld best veel speeltuinen, maar die zijn niet helemaal goed over Veenendaal verdeeld. In sommige wijken zijn veel kleine speeltuinen, maar weinig grote. Dat wil ik gaan veranderen. Ik wil ook dat er meer bloemperkjes komen, zodat het straks wat beter gaat met de bijen. En ik wil ouderen in bejaardenhuizen helpen. Zij voelen zich vaak best alleen. Kinderen kunnen hen opvrolijken door spelletjes met ze te gaan doen. Veel kinderen op mijn school vonden dat goede ideeën. We hebben echte verkiezingen gehouden en ze konden op vijf kinderen stemmen. En mijn ideeën vonden ze gelukkig het best. Nu mag ik een jaar lang goede dingen doen. Voor kinderen en iedereen in Veenendaal.”





