Het is tijd voor een paradigmashift, een verschuiving in denken en daarmee een vernieuwende insteek van kinderparticipatie: van informeren over rechten en plichten, naar het als kind leren aangeven en formuleren wat je nodig hebt om veilig, gezond en kansrijk op te groeien.
Voor een kind is het ontwikkelen van luistervaardigheden, sociale interactie en gesprekstechnieken van groot belang. Als volwassenen kunnen wij kinderen een stevig fundament laten leggen voor hun toekomstige deelname aan onze democratische samenleving. Dit bereiken we door kinderen te laten oefenen in het vormen van hun eigen mening, het laten horen van hun stem, het leren luisteren naar anderen, het serieus leren nemen van de ideeën van anderen en deze tegen hun eigen ideeën af te wegen en tot slot om te leren om samen beslissingen te nemen. Daarmee wordt niet alleen geïnvesteerd in de kinderen van nu, maar ook in de volwassenen (en dus de opvoeders) van de toekomst.
Serieus nemen
Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer vindt het belangrijk dat er kinderburgemeesters zijn, zo zegt zij op de website Kinderrechten.nl. Volgens haar weten kinderen beter wat goed voor hen is dan volwassenen. Zij vindt het dan ook belangrijk dat de kinderburgemeesters daadwerkelijk serieus worden genomen.
Ideale samenwerking
De taken van het onderwijs en gemeenten zijn de laatste jaren ingrijpend veranderd. Onderwijs en gemeenten werken steeds nauwer samen als het gaat om jeugdigen. Toch loopt dit niet overal even soepel en is er ook veel te winnen. Met KrNU slaan we de brug tussen jeugdgezondheidszorg, onderwijs, ouders en gemeente: kinderrechten spelen een hoofdrol in het werk en/of de belangen van alle betrokkenen. Participerende professionals en kinderen vinden elkaar, adviseren en helpen elkaar.
Hoewel ‘KinderrechtenNU in de klas’ en ‘KinderrechtenNU in de gemeente’ afzonderlijk ingezet kunnen worden, leggen ze samen een stevig fundament. Het implementeren van deze samenwerking verloopt stapsgewijs. KrNU draagt zorg voor de implementatie en vormt de schakel tussen de verschillende betrokken partijen.
Het zou mooi zijn als kinderen zich geen leerling voelen op school maar kind die als het ware schoolvaders en -moeders heeft… Zo sprak Eberhart van der Laan: “Burgemeesters, wees ook burgervader – burgermoeder voor de kinderen.”
• Route A. Gemeenten kunnen de jaarcyclus starten met de workshops ‘KinderrechtenNU in de klas’. Vervolgens volgen de verkiezingen van kindergemeenteraad en kinderburgemeester.
• Route B. Dit is de route welke we adviseren. We starten met de voorbereiding van de verkiezing van de kindergemeenteraad en de kinderburgemeester in september. De scholen worden hierbij betrokken om alle kinderen van de gemeente hierbij te betrekken. In het voorjaar daarna volgen dan de workshops ‘KinderrechtenNU in de klas’ welke weer een extra fundament leggen voor de volgende verkiezingen in september.
Kinderrechtennu in de klas
‘KinderrechtenNU in de klas’ biedt het fundament voor het leven en voor de samenleving. In het onderwijs is KinderrechtenNU (KrNU) een aanvulling op de Wet verplichte meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld en een invulling van de Wet sociale veiligheid in de school. Het is een starttraject, een fundament voor burgerschapsvorming, een wettelijke onderwijstaak.
KrNU versterkt de samenwerking tussen ouders, kinderen en school en werkt aan een verbindende schoolcultuur. In de gezondheidszorg biedt KrNU het voortraject: het eigen verhaal van het kind zelf. Daarmee is KrNU een preventieve invulling van de Wet publieke gezondheid en van de Jeugdwet. De Jeugdgezondheidszorg waarborgt opvolging.
Kinderrechtennu in de gemeente
Een kind heeft geen stemrecht. Dat betekent dat zij of hij niet gehoord wordt in de democratische beslissingen tot zij of hij 18 jaar is. Het kinderburgemeesterschap (mogelijk ondersteunt door een kindergemeenteraad en de scholen die daarmee verbonden zijn) maakt het mogelijk voor kinderen om zich al eerder te laten horen en zich toe te rusten als actor in het gezin, de school, de wijk en de maatschappij.
Het is tijd voor een paradigmashift, een verschuiving in denken en daarmee een vernieuwende insteek van kinderparticipatie: van informeren over rechten en plichten, naar het als kind leren aangeven en formuleren wat je nodig hebt om veilig, gezond en kansrijk op te groeien.



